Naarmate een wagenpark groeit, groeit vaak ook het aantal systemen eromheen. Kilometerstanden staan in het ene portaal, onderhoudsinformatie in een ander systeem en kosten of voertuiggegevens worden bijgehouden in Excel.

Zolang het wagenpark overzichtelijk blijft, hoeft dat geen groot probleem te zijn. Maar bij meerdere merken, vestigingen, leveranciers en databronnen kan versnippering steeds meer handmatig werk veroorzaken.

Hoe weet u wanneer losse systemen niet meer voldoende zijn? Deze vijf signalen wijzen erop dat het tijd is om kritisch naar de inrichting van uw wagenparkdata te kijken.

Signaal 1

Voor verschillende voertuigen gebruikt u verschillende dashboards

Een wagenpark bestaat zelden uit één automerk of één databron. Autofabrikanten, leasebedrijven, telematicapartijen en andere leveranciers bieden vaak ieder hun eigen omgeving.

Voor een fleetmanager betekent dit dat informatie verspreid kan staan over meerdere portals. Kilometerstanden staan bijvoorbeeld bij de ene leverancier, onderhoudsinformatie bij een andere en locatiegegevens in een apart fleetmanagementsysteem.

Bij een beperkt aantal voertuigen is dat nog beheersbaar. Bij een groot of multibrand wagenpark wordt het steeds lastiger om snel één compleet beeld te krijgen.

Signaal: u moet regelmatig tussen verschillende dashboards wisselen om een eenvoudige vraag over het wagenpark te beantwoorden.

Signaal 2

Excel is nodig om informatie uit verschillende systemen samen te brengen

Excel is een praktisch hulpmiddel voor analyses, voertuiglijsten en rapportages. Het wordt lastiger wanneer spreadsheets vooral nodig zijn om informatie uit verschillende systemen handmatig samen te voegen.

Denk bijvoorbeeld aan het kopiëren van kilometerstanden, onderhoudsdata, voertuiglijsten, brandstof- of laadgegevens, leasegegevens en kosteninformatie.

Wanneer dit iedere week of maand opnieuw moet gebeuren, is niet Excel zelf het probleem. Het probleem is dat er geen centrale databron bestaat.

Signaal: de belangrijkste wagenparkrapportage kan pas worden gemaakt nadat meerdere exports handmatig zijn gecombineerd.

Signaal 3

Gegevens van verschillende voertuigen zijn moeilijk te vergelijken

Verschillende autofabrikanten en systemen leveren voertuiggegevens niet altijd op dezelfde manier aan. De beschikbare data, definities en updatefrequentie kunnen per merk of leverancier verschillen.

Dat wordt vooral zichtbaar bij een multibrand wagenpark. Een kilometerstand of onderhoudsmelding kan wel beschikbaar zijn, maar niet noodzakelijk in hetzelfde formaat als bij een ander automerk.

Daardoor wordt niet alleen het verzamelen van data belangrijk, maar ook het standaardiseren ervan.

Signaal: gegevens zijn technisch beschikbaar, maar kosten alsnog veel tijd om wagenparkbreed te vergelijken.

Wilt u weten hoe voertuigdata van verschillende automerken en bronnen in één datastructuur kan worden samengebracht? Echoes, onderdeel van Moving Intelligence, legt uitgebreid uit hoe u wagenparkdata voor een groot wagenpark centraliseer,welke rol OEM-data speelt en wanneer een dashboard of API geschikt is.

Signaal 4

Een eenvoudige wagenparkrapportage vraagt veel handmatig werk

Hoeveel voertuigen zijn actief? Welke voertuigen hebben binnenkort onderhoud nodig? Hoe ontwikkelen kilometerstanden en verbruik zich? Welke informatie heeft finance nodig?

Dit lijken eenvoudige vragen, maar bij versnipperde data kunnen meerdere exports en bestanden nodig zijn om het antwoord te vinden.

Dat kost niet alleen tijd. Verschillende afdelingen kunnen ook met afwijkende versies van dezelfde informatie werken wanneer bestanden niet tegelijkertijd worden bijgewerkt.

Signaal: rapportages bestaan voor een groot deel uit verzamelen en controleren van data, in plaats van analyseren en bijsturen.

Signaal 5

Wagenparkdata is ook buiten fleetmanagement nodig

Voertuigdata wordt steeds vaker door meerdere afdelingen gebruikt. Finance kan kosteninformatie nodig hebben, operations wil weten welke voertuigen beschikbaar zijn, sustainability analyseert brandstof- en energieverbruik en management gebruikt wagenparkgegevens voor rapportages.

Wanneer dezelfde informatie telkens handmatig naar andere systemen of afdelingen moet worden doorgestuurd, ontstaat opnieuw versnippering.

Op dat moment wordt niet alleen een centraal dashboard relevant. Ook de vraag ontstaat of voertuigdata automatisch beschikbaar moet zijn in bijvoorbeeld ERP-, BI- of andere bedrijfssoftware.

Signaal: dezelfde voertuigdata wordt op meerdere plaatsen handmatig ingevoerd of geëxporteerd.

Eerst inventariseren

Wat kunt u doen wanneer wagenparkdata versnipperd raakt?

De eerste stap is niet direct het aanschaffen van nieuwe software. Begin met het in kaart brengen van de systemen en databronnen die momenteel worden gebruikt.

Kijk bijvoorbeeld naar:
• welke informatie vanuit voertuigen beschikbaar is;
• welke dashboards en portals worden gebruikt;
• welke spreadsheets handmatig worden bijgehouden;
• welke gegevens door meerdere afdelingen nodig zijn;
• waar dezelfde informatie dubbel wordt opgeslagen;
• welke handmatige processen regelmatig terugkomen.

Vervolgens kan worden bepaald welke gegevens centraal beschikbaar moeten zijn en waar deze uiteindelijk gebruikt worden.

Bij moderne connected voertuigen kan een deel van de voertuigdata rechtstreeks via de autofabrikant beschikbaar zijn. Bij een multibrand wagenpark is het vervolgens belangrijk dat gegevens van verschillende merken op een consistente manier worden verwerkt.

Dashboard of integratie

Centraal dashboard of bestaande software?

Centralisatie betekent niet automatisch dat iedereen met een nieuw dashboard moet gaan werken.

Voor sommige organisaties is één centraal fleetmanagementplatform de meest praktische oplossing. Andere organisaties willen voertuigdata juist integreren in bestaande ERP-, BI-, lease- of andere bedrijfssystemen.

De beste aanpak hangt daarom af van de bestaande IT-omgeving en de manier waarop verschillende afdelingen de gegevens gebruiken.

In het artikel van Echoes over wagenparkdata centraliseren wordt verder uitgelegd wanneer een centraal dashboard, een API of een combinatie van beide logisch is.

OEM-voertuigdata fleetmanagement zonder hardware

Voertuigdata uit de bron

Hoe past OEM-data hierin?

Moderne voertuigen verzamelen vanuit de fabriek steeds meer gegevens. Afhankelijk van voertuig en fabrikant kunnen bijvoorbeeld kilometerstand, locatie, brandstof- of batterijniveau, onderhoudsinformatie en technische voertuigstatus beschikbaar zijn.

Bij geschikte voertuigen kan deze informatie via de autofabrikant beschikbaar worden gemaakt, zonder dat voor deze dataverzameling eerst aanvullende hardware hoeft te worden geïnstalleerd.

Voor een wagenpark met meerdere merken ontstaat daarna een volgende uitdaging: de gegevens van verschillende fabrikanten moeten op een uniforme manier beschikbaar worden gemaakt.

Moving Intelligence werkt hiervoor binnen de Moving Intelligence Group samen met Echoes, specialist in connected OEM-voertuigdata.

Meer over OEM-voertuigdata

Geen vaste grens

Wanneer wordt centralisatie interessant?

Er bestaat geen vast aantal voertuigen waarbij losse systemen ineens niet meer werken. Dat hangt af van de complexiteit van het wagenpark.

Centralisatie wordt vooral interessant wanneer:
• meerdere merken worden gebruikt;
• verschillende vestigingen of landen betrokken zijn;
• veel gegevens handmatig worden bijgewerkt;
• meerdere afdelingen dezelfde voertuigdata gebruiken;
• rapportages veel voorbereiding vragen;
• Excel de verbindende laag tussen meerdere systemen wordt;
• voertuigdata met andere bedrijfssoftware moet worden gedeeld.

Hoe meer van deze situaties herkenbaar zijn, hoe groter de kans dat versnipperde data een structureel onderdeel van het wagenparkbeheer is geworden.

Conclusie

Herken versnippering voordat het beheer complex wordt

Meerdere systemen zijn niet automatisch een probleem. Dat worden ze vooral wanneer fleetmanagers veel tijd kwijt zijn aan het verzamelen, controleren en combineren van informatie.

Meerdere dashboards, steeds grotere Excel-bestanden, moeilijk vergelijkbare voertuigdata en handmatige rapportages zijn signalen dat het zinvol is om naar centralisatie te kijken.

Door eerst de databronnen en informatiebehoefte in kaart te brengen, kan worden bepaald of één centraal fleetmanagementplatform, een API-integratie of een combinatie daarvan het beste bij de organisatie past

Nieuws

Meer nieuws